Verslag Kennedymars 03-07-2004

Waarom ik niet veel heb gefietst dit jaar.

De meeste van jullie hebben wel in de gaten gehad dat ik dit jaar niet vaak van de partij ben geweest. In het volgende stukje zal ik uitleggen wat hier de reden van is geweest.

Begin 1963 deed de toenmalige Amerikaanse president J.F.Kennedy de uitspraak dat een normale burger niet in staat zou om 50 mijl (80 km) binnen 20 uur lopend af te leggen. Het weekend van 3-4 juli was mijn grote moment om het tegendeel te bewijzen. Ik ga de Kennedymars lopen. Met ±500 trainingskilometers vertrek ik samen met mijn wandelmaat Huub op zaterdagavond om 20.30 uur richting Someren, waar we om 21.30 uur in de achterhoede kunnen aansluiten op het startplein. Het is één grote feestende massa. Het publiek is in grote getalen toegestroomd om ons uit te zwaaien. Om 21.45 uur begint het officiële gedeelte met het vermelden van jubilerende wandelaars en het spelen van zowel het Nederlandse als het Amerikaanse volkslied en tot slot het op waarheid gebaseerde "You never walk alone".

Om iets over tienen volgt het startschot en doordat we vrij achteraan staan gaan we pas om 22.15 uur door de startscan. We zijn van start, op weg naar de 1e controlepost. De eerste 14 km gaan nog over Somerens grondgebied. Bij verschillende huizen staan partytenten buiten met geluidsinstallaties en veel blauwe kratjes. Na 14 km komen we weer over het startplein, waar de café's uitpuilen en het één groot feest is. Na Someren gaan we het buitengebied en de nacht in, richting het 21 km punt. Nog steeds overal hetzeflde beeld, partytentjes, muziek, drank en aanmoedigingen. Het gaat nog steeds goed, af en toe kleine pijntjes die vanzelf weer verdwijnen en na een reis door het lichaam weer ergens anders opduiken. In Lierop is het 21 km punt. Snel scannen en een pauze nemen van twintig minuten.

Na de pauze gaan we richting Mierlo, waar het 28 km punt is. Tijdens de rust zijn we die lange kale kwijtgeraakt, maar onderweg komen we een jongen van 17 jaar tegen, Danny. Hij was met twee anderen gestart, maar hij is nog maar alleen over. We steken de A67 over en gaan een donker bos in. In de verte zien we een paar verlichte partytenten waar muziek vandaan komt. Dichter bij gekomen zien we dat er een blaaskapel zit te spelen. Het is drie uur in de nacht. In Mierlo aangekomen worden we midden door de feestende massa heengeloodst. De alcohol heeft hier al duidelijk zijn werk gedaan de mensen zijn in staat om je te omhelsen en aan te moedigen. Er staan echter dranghekken, dus blijft het bij een "high five" en het gooien van slipjes. We voelen ons even Tom Jones. In Mierlo-Hout is de 34 km post. Op weg hier naar toe is er weinig bijzonders gebeurd. Het publiek aan de kant blijft ons echter tot diep in de nacht steunen.
Aangekomen bij de post hebben we wat gegeten en onze spieren gerekt. Op naar Brouwhuis, hier is de eerste grote rustpost, waar we ook soep krijgen. Ik krijg een kleine inzinking. Aan Huub is niks te zien. Hij krijgt vragen vanuit het publiek of hij nog maar net is begonnen. De weg naar Brouwhuis is nogal saai. Over het industrieterrein van Helmond, waar dus geen publiek staat. Brouwhuis zelf is op een verdwaald partytentje na verder ook nog in diepe rust. Bij de rustpost op 39 km is echter weer een levendige boel. Het is inmiddels 05.30 uur. Huub wil hier even z'n blaren laten prikken (wachttijd drie kwartier). Hierdoor wordt de pauze wat langer dan gepland, maar het tenslotte geen wedstrijd. Even droge sokken aandoen. Hier kom ik ook de eerste keer mijn collega Rian tegen. Het gaat met haar nog steeds goed en we zullen elkaar tijdens de tweede helft nog wel vaker tegen komen en nodig hebben.

Op naar de 45 km in Vlierden. Het blijkt dat dit ook een saai stuk is. Lange rechte wegen waar niemand woont of iedereen nog slaapt. Het lijkt ook wel of we alleen lopen. Voor en achter ons slechts een enkeling. Niet meer dat massale van voorheen. Zouden we dan zo lang hebben gerust dat we het laatste zijn. We kunnen het ons niet voorstellen. Ik ben echter weer over mijn inzinking heen en loop als een speer. Niet overmoedig raken. Vanuit Vlierden lopen we meteen door naar het 48 km punt in Deurne. De route is nog niet veel veranderd, nog steeds veel saaie stukken met af en toe wat mensen en verlaten partytenten, het uitbundige is eraf. Huub en Danny beginnen te zingen. In het regelment staat dat zingen helpt om de pijn de vergeten, maar dat het wel geschikte teksten moeten zijn. Dit lukt niet altijd. Na Deurne gaan we richting het 53 km punt in Liessel. Op weg hier naar toe komen we al weer wat meer lopers tegen, dus het wordt al weer wat gezelliger. Het gaat nog steeds goed met ons alle drie. Danny vertelt tussen neus en lippen dat hij van zijn ouders € 200.- krijgt als hij de mars uitloopt. Even m'n moeder bellen. Die heeft me trouwens al wel vijf keer gebeld. In Liessel worden we verwelkomt door een blaaskapel. In verschillende dorpjes langs de route komen we trouwens blaaskapellen tegen. In totaal wel een stuk of tien.

Even rusten, eten en oefeningen doen. Ik kom m'n collega Rian ook weer tegen. Nog steeds geen klachten. Nee, ik ook niet. Na een half uurtje starten we de voeten weer op en gaan op weg naar het 64 km punt in Asten. We zijn voor dit stuk gewaarschuwd. Een stuk van 11 km zonder extra post. Het blijkt mee te vallen, de route is afwisselend en voert door een mooi gebied. Onderweg pikken we Janneke uit Friesland op. Ze was gisteren samen met haar vriend gestart, maar die hield het na 48 km voor gezien, terwijl het zijn idee was geweest. Mooie vriend. Ze loopt even met Danny een eindje voor ons, maar gaat dan haar eigen weg, ze zet er stevig de sokken in. Wat zou Danny gezegd hebben. Hij is zich van geen kwaad bewust. Een eindje verder halen we m'n collega Rian in. Het gaat wat moeizamer met haar. Kom op, doorzetten je bent bijna bij de 64 km." Ja", zegt ze, "dat doe ik". Vlak voor Asten zien we Janneke in het gras zitten. Ze ziet ons lopen en pikt aan. Met z'n vieren lopen we naar het rustpunt in Asten. Hier krijgen we weer soep en belegd brood. De verzorging is overigens langs de hele route perfect. Je hoeft zelf eigenlijk geen eten of drinken mee te nemen. Tijdens de rust merk ik dat het allemaal niet meer zo soepel gaat.
M'n voeten en kieën beginnen pijn te doen en de vermoeidheid slaat toe. Nog maar even droge sokken aan doen. Ik heb uit voorzorg m'n hakken ingetaped, maar ik zie dat er onder de tape toch een blaar zit. Ik heb hier echter geen last van, dus doorlopen maar. Danny wil zich nog een keer laten masseren, want z'n kuiten doen pijn. (wachttijd drie kwartier). Nee Danny, niet zeiken, iedereen krijgt nu pijn, gewoon doorlopen, nog maar 16 km.

Om ongeveer 12.30 uur vertrekken we voor de laatste 16 km. Onze kruisweg kan beginnen. Het gaat weer wat beter, Danny raakt af en toe wat achterop, maar komt toch elke keer weer bij. "Kom op Danny, denk aan die € 200,-". Net voorbij het 68 km punt lopen we collega Rian weer voorbij. Het gaat moeilijk en haar groep wil eigenlijk met ons meelopen, maar we lopen iets te hard. Nou dan lopen we toch iets minder hard. Ze hebben wel wat oppeppers nodig. Kom op, niet langzamer gaan lopen, dan duurt het nog langer. Ze gehoorzamen eerbiedig. Ja, zullen we doen, we komen eraan. Huub loopt met z'n soepele tred een eindje voor ons met een vriendin van Rian. Het gat tussen hun en ons mag niet groter worden. Nee, oké, gebeurt ook niet. Twee kilometer later is het beeld andersom. Ik zit er even doorheen en heb opbeurende woorden nodig. Het wordt zwaar. "Als we maar bij de laatste zes kilometer zijn", denk ik, "dan lopen we weer door die feestende massa en voelen we geen pijn meer". Het blijkt anders uit te pakken, er is geen feestende massa. Wel veel publiek dat voor je klapt, maar het uitbundige is eraf. Feestende mensen stimuleren meer dan klappende mensen. De laatste zes km gaan door een woonwijk, zodat we van de andere kant de finish naderen. Alles doet pijn, zelfs Huub heeft pijn. Danny zijn we kwijt, Rian verzamelt bij haar eigen groep, Janneke zien we ook niet meer. Het is weer zoals het begon, Huub en ik. Nog een bocht naar links, daar is de finishstraat. Een lange rechte straat vol met klappende mensen. In de verte zien we het finishdoek hangen. Huub moet nog even z'n achillespees op z'n plaats duwen." Kom op Huub, nog even". Onze gezinnen staan langs de kant. Vlak voor de finish komt dochter Ilse huilend van blijdschap op me afgestoven met bloemen. Ze loopt me bijna omver. Daarna komt zoon Dirk, iets subtieler, ook met bloemen. We lopen onder het finishdoek door. Het is 15.36 uur. Een gevoel van trots, blijdschap, opluchting en emotie gaat door ons heen. We hebben de kennedymars uitgelopen.
Ik weet nu dat je met wandelen ook ontzettend kunt afzien. Het was een mooie, voorlopig éénmalige ervaring.

Helaas heeft Kennedy nooit de kans gehad om mee te maken wat zijn uitspraak te weeg heeft gebracht, maar het heeft in ieder geval meer impact gehad dan "Ich bin ein Berliner". Lee Harvey Oswald heeft zich waarschijnlijk ook gestoord aan zijn woorden.

Loek Verdonk.